Naast de jaarlijkse terugkerende structurele lasten zoals toegelicht in paragraaf 2.1 zijn er lasten die incidenteel voorkomen. Deze lasten dekken we uit eenmalige middelen zoals de algemene reserve en de bestemmingsreserves.
De algemene reserve heeft in de eerste plaats een bufferfunctie voor de door ons ingeschatte en geactualiseerde risico's. Een eventueel vrij besteedbaar deel biedt de mogelijkheid om een periode met een oplopend begrotingstekort incidenteel te overbruggen of om als dekkingsbron te bieden voor incidentele lasten. Overschotten en meevallers worden aan de algemene reserve toegevoegd.
Een deel van de algemene reserve houden we (verplicht) achter de hand voor onvoorziene uitgaven (de weerstandscapaciteit). De risico-inventarisatie is in de jaarstukken 2025 geactualiseerd. Dit bedrag ligt momenteel op € 13,5 miljoen. Bij de begroting 2026 waren de risico's nog geïnventariseerd op € 11,9 miljoen. Daarbovenop houden we een algemene risicobuffer aan van € 2,5 miljoen. Ten opzichte van het beeld in de begroting 2026 houden we vanaf nu dus € 1,6 miljoen extra aan om risico's op te kunnen vangen. Het meerdere is vrij besteedbaar voor incidentele lasten welke de gemeenteraad wil opnemen in de begroting. In de begroting 2027 actualiseren we de risico's opnieuw.
De onderstaande tabel geeft meerjarig inzicht in de ontwikkeling van de algemene reserve tussen de verwachting in de begroting 2026 en in deze kadernota. Daaronder lichten we deze ontwikkeling toe.
|
|
2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 |
|---|---|---|---|---|---|
|
stand algemene reserve 31/12 |
51.367 |
53.340 |
50.992 |
48.228 |
n.a. |
|
stand algemene reserve 31/12 |
45.259 |
43.154 |
36.515 |
28.984 |
24.237 |
|
waarvan aanhouden voor risico's |
16.001 |
16.001 |
16.001 |
16.001 |
16.001 |
|
Totaal vrij besteedbaar |
29.258 |
27.153 |
20.514 |
12.983 |
8.236 |
Toelichting ontwikkeling ten opzichte van begroting 2026
De ontwikkeling van de algemene reserve laat een daling zien ten opzichte van het beeld in de begroting 2026. In de begroting 2026 was de verwachting dat het vrij besteedbare bedrag in de algemene reserve eind 2029 op € 33,8 miljoen zou liggen. In deze kadernota ligt dit eind 2029 naar verwachting op € 12,9 miljoen vrij besteedbaar. Dit veranderende beeld is geen feit. In deze daling zijn de op dit moment nog verwachte negatieve begrotingssaldi voor 2028, 2029 en 2030 verwerkt. Dit heeft een totaal cumulatief negatief effect van € 17 miljoen voor de algemeen reserve. Echter, de begroting zal sluitend gemaakt moeten worden. Daardoor zal dit beeld weer verbeteren. Daarnaast heeft het negatieve resultaat van de eerste bestuursrapportage een cumulatief negatief effect van € 5,9 miljoen in de algemene reserve. Tot slot is de omvang van het bedrag dat we aanhouden voor risico’s verhoogd met € 1,6 miljoen.
Verder is het goed om te beseffen dat we enerzijds wel uitgaan in dit verloop van de op dit moment nog negatieve begrotingssaldi, terwijl voorzichtigheidshalve geen rekening gehouden wordt met jaarrekeningsaldi welke gemiddelde genomen een positief effect hebben op de stand van de algemene reserve, zoals ook over 2025 blijkt.
Voor een volledige toelichting op de ontwikkeling van de algemene reserve verwijzen we naar bijlage 5.2