Ga naar de inhoud van deze pagina.
Jaarrekening 2025 Voorstel gemeenteraad

Financiële kengetallen

Het BBV schrijft een aantal verplichte financiële kengetallen voor. Deze worden hierna behandeld.

Netto schuldquote

De hoogte van de schuld die een gemeente kan dragen, hangt af van de hoogte van de inkomsten. Om een grove indicatie te krijgen van de verhouding tussen schulden en inkomsten, berekenen we de netto schuldquote. Als de netto schuldquote tussen 100% en 130% ligt, is de gemeenteschuld hoog volgens de VNG. Als de netto schuldquote boven de 130% is, bevindt een gemeente zich volgens de VNG zich in de gevarenzone.

De netto schuldquote, gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen, is licht gedaald. Namelijk van 69% in 2024 naar 68% in 2025. De gemeente doet op dit moment een aantal grote investeringen, maar tegelijkertijd zijn de inkomsten ook toegenomen. Daardoor ontstaat er een lichte daling. Het verschil tussen de begrote netto schuldquote in 2025 (101%) naar de gerealiseerde netto schuldquote (68%) komt doordat er bij de begroting er vanuit is gegaan dat er meer geld geleend zou moeten worden.

Een schuldpositie is overigens geen gevolg van onjuiste financiële keuzes, maar vloeit voort uit een door de gemeente(raad) gewenst uitvoerings-, omgevings- en investeringsniveau, in combinatie met het feit dat er geen eigen financieringsmiddelen zijn.


Solvabiliteitsratio

De solvabiliteitsratio geeft aan in hoeverre de bezittingen op de balans niet met schulden zijn gefinancierd. Een lage ratio betekent dat een groot deel van de bezittingen is gefinancierd met schulden. Dit kan erop wijzen dat een gemeente weinig tot niets spaart uit exploitatieresultaten voor investeringen.

Voor de solvabiliteitsratio hanteert de VNG de signaalwaarden van 20% en 0%. Bij een ratio lager dan 20% bevindt een gemeente zich in de gevarenzone; een negatieve ratio betekent een rood signaal. De huidige ratio van 28% ligt ruim boven de signaalwaarde van 20% en wordt daarmee als voldoende beschouwd.

De solvabiliteitsratio per einde jaar is positiever dan voorzien en komt uit op 28% in plaats van verwacht 19%. Dat komt doordat we bij het opstellen van de begroting 2025 uit zijn gegaan van een lager eigen vermogen door een lagere resultaatverwachting.

Nederlandse gemeenten gaan dankzij het artikel 12 vangnet uit de Financiële Verhoudingswet niet failliet en worden nooit geliquideerd. Daarom heeft dit kengetal, ondanks deze signaalwaarde, een beperkte waarde. Ook worden investeringen met maatschappelijk nut, die niet verkoopbaar zijn, geactiveerd. Daardoor geven de reserves geen directe liquiditeitswaarde weer.

Belangrijker is de vraag of de gemeente de schuld kan betalen met het huidige inkomen.

Bouwgrondexploitaties

De boekwaarde van de voorraden grond moet worden terugverdiend bij de verkoop. Kenmerkend voor grondexploitaties is dat de looptijd meerdere jaren is. Naarmate de inkomsten verder in de toekomst liggen, brengt dit meer rentekosten en risico’s met zich mee. Een grondexploitatie van 10% of hoger wordt beschouwd als kwetsbaar. Wij zitten daar met 2% ruim onder en beschouwen het risico op de grondexploitaties daarom als nihil.

Structurele exploitatieruimte

De structurele exploitatieruimte laat zien of de gemeente over voldoende structurele baten beschikt om de structurele lasten te dekken. Net als vorig jaar is onze structurele exploitatieruimte in 2025 5%. De structurele baten zijn dan dus hoger dan de structurele lasten.

Belastingcapaciteit

De belastingcapaciteit geeft inzicht in hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt tot het landelijk gemiddelde. Een laag percentage wijst erop dat de gemeente meer inkomsten uit belastingen zou kunnen genereren. Net als in 2024 liggen de woonlasten in gemeente Smallingerland in 2025 onder het landelijk gemiddelde.